De ontwerpen van Paul Cauchie zijn altijd origineel, bedoeld voor eenmalig gebruik. De stijl is schatplichtig aan verschillende inspiratiebronnen : aan de ene kant de school van Glasgow, aan de andere kant het japanisme.
In de thema's van zijn ontwerpen toont Paul Cauchie zich ook ontvankelijk voor het prerafaëlitisme en het symbolisme.
Cauchie is een van de enige architecten-decorateurs in België die beïnvloed is geweest door de strakheid van de school van Glasgow, en door Charles Rennie Mackintosh in het bijzonder. In tegenstelling tot de gebouwen van Horta die hun zwierige lijnen ontleenden aan de plantenwereld, zijn de architecturale uitgangspunten van deze woning strikt geometrisch. Het is een hymne aan de verticaliteit, de rechte lijn en de symmetrie waarin de basisvormen cirkel en vierkant voortdurend herhaald worden.
In decoratief opzicht is de geestelijke verwantschap met de ontwerpers van de school van Glasgow nog duidelijker. De herhaling van het motief van de roos in hun ontwerpen is er maar één voorbeeld van : de roos, afgebeeld op tal van ondergronden, stoffen of glas, staat voor de school van Glasgow symbool voor schoonheid, liefde en kunst. In het werk van Paul Cauchie is ze alomtegenwoordig : als ornament van een vrouwenkapsel, in bloemenslingers, als omkadering van een ontwerp,…
De sgraffiti van Paul Cauchie zijn zelden gesigneerd. De roos en andere details die systematisch geïnventariseerd zijn op de ondertekende werken en in de decoratie van zijn woning hebben het mogelijk gemaakt om meer dan 500 sgraffiti aan hem toe te schrijven verspreid over een groot aantal steden in België.
De ontdekking van de Japanse kunst nadat het land eindelijk zijn isolationistische koers had verlaten, bracht een artistieke beweging op gang gekend onder de naam “japanisme”. Op de internationale tentoonstelling van Londen in 1862 en daarna op die van Parijs in 1867 ontdekte het westen vol verbazing de grafische kunsten van Japan, de decoratieve soberheid van de dagelijkse gebruiksvoorwerpen, de vereenvoudigde omtreklijnen van de prenten, de asymmetrische composities, en het gebruik van vlakke, door omtreklijnen afgeboorde tinten. De Japanse kunst beïnvloedde vele Europese kunstenaars die op zoek waren naar nieuwe creatieve bronnen. In Frankrijk was Samuel Bing, een van de belangrijkste kunsthandelaars van Parijs, de grote voortrekker van het japanisme. Tussen 1888 en 1891 gaf hij een luxueus tijdschrift uit, Le Japon artistique.


In het Cauchiehuis zijn elementen van het japanisme duidelijk aanwijsbaar. De voornaamste aanwijzing zijn de twee letters M en A, die te zien zijn op het balkon van het bovenste venster van de voorgevel. De twee verstrengelde letters, uitgesneden in plaatijzer en staalplaat, kunnen worden gelezen als de grafische voorstelling van het ideogram “MA”, een ruimte-tijdconcept dat typisch is voor Japan. De tijd kan niet worden vastgelegd of zelfs maar gecontroleerd. De tijd wordt waargenomen wanneer er een beweging is in een ruimte die een interval creëert tussen meerdere objecten of meerdere opeenvolgende handelingen. In de architectuur wordt het concept MA vertaald door de ritmische afwisseling tussen vol en ledig, door de wijze waarop de decorelementen en meubelstukken ten opzichte van elkaar geplaatst zijn.
Andere elementen van de Japanse cultuur zijn aanwezig in de sgraffiti van het interieur : Nô-toneelmasker, biwa, kanzashi,…
De art nouveau brengt de vrouw weer op de voorgrond en met haar ook het fundamentele principe van het leven! Onder het penseel van Paul Cauchie verschijnen de vrouwen als smachtende en langgerekte wezens, in de lijn van een vrouwentype bleek met rossig haar en uitdrukkingloze blik gecreëerd door een groep Engelse schilders, aanhangers van het prerafaëlitisme. Deze beweging, beïnvloed door de schilderkunst van voor Rafaël en met name door Botticelli en de Florentijnse renaissance, wou niet terugkeren naar de renaissancekunst maar haar karakter van eenvoud en authenticiteit terugvinden. De beweging was van korte duur en ging op in het symbolisme zoals we dit aantreffen in het werk van Fernand Khnopff, vriend van de prerafaëlitische schilders.